Vrijheid

‘Vrijheid, vijf oorlogsjaren waren we het kwijt’, schalt de stem door mijn radio. ‘En nu dan?’ denk ik verontwaardigd. Als ik zin heb om uit eten te gaan mag dat niet, als ik naar een winkel wil met mijn kinderen mag dat niet, ik mag niet gaan zwemmen, ik mag niet naar een pretpark ik mag zelfs de buurvrouw geen knuffel geven. (Al mocht dat van de buurman sowieso al niet…) Mijn zeer gewaardeerde westerse vrijheid is er op gebaseerd dat ik kan doen en laten wat ik wil. Als ik de drang voel om op een terrasje bier te drinken dan kan dat. Nouja: dan kon dat. Dát is vrijheid! Of niet? Want hoe vrij ben ik eigenlijk als ik achter al mijn, bijna instinctmatige impulsen aanloop? Ja zeker, ik ben vrij om ze ter plekke uit te voeren, maar ergens knaagt er toch iets. Want écht vrij kun je dat niet noemen. Je bent dan meer de knecht van een soort lagere zelf. Wellicht zit échte vrijheid wel in het registreren van de neigingen die er in mij opwellen, er met compassie naar kijken, en het daar bij laten.  Ik bén namelijk niet mijn verlangen naar een biertje met vrienden, ik héb dat verlangen. En iets wat je hebt kun je ook weer loslaten. Maar dat vraagt veel oefening. In je eentje…. heel actueel. Ik wens je veel vrijheid!

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.